Theorie
Een kommagetal en een breuk kunnen dezelfde waarde beschrijven.
Kijk hoeveel cijfers er achter de komma staan. Bij 1 cijfer gebruik je tienden, bij 2 cijfers honderdsten en bij 3 cijfers duizendsten.
Schrijf het kommagetal als breuk en vereenvoudig de breuk daarna als dat kan.
- Schrijf het kommagetal als breukGebruik 10, 100 of 1000 als noemer, afhankelijk van het aantal cijfers achter de komma.
- Bereken de GGD van twee getallenZoek de delers van beide getallen, vergelijk ze en kies de grootste gemeenschappelijke deler.
De GGD is de grootste gemeenschappelijke deler van twee getallen.
Maak voor beide getallen een rij met delers en zoek welke delers in allebei de rijen voorkomen.
De grootste deler die in beide rijen staat, is de GGD.
- Zoek de delers van eerste getalTest welke getallen precies in het gegeven getal passen en noteer alle positieve delers.
Een deler is een getal waardoor je precies kunt delen, zonder rest.
Bij 12 is 3 bijvoorbeeld een deler, omdat 12 ÷ 3 precies 4 is.
Om geen deler te missen, test je vanaf 1 de mogelijke delers en noteer je alleen de getallen waarbij de deling precies uitkomt.
- Zoek de delers van tweede getalTest welke getallen precies in het gegeven getal passen en noteer alle positieve delers.
Een deler is een getal waardoor je precies kunt delen, zonder rest.
Bij 12 is 3 bijvoorbeeld een deler, omdat 12 ÷ 3 precies 4 is.
Om geen deler te missen, test je vanaf 1 de mogelijke delers en noteer je alleen de getallen waarbij de deling precies uitkomt.
- Zoek de gemeenschappelijke delersVergelijk de twee rijen en noteer de getallen die in beide rijen voorkomen.
Gemeenschappelijk betekent: het komt in beide rijen voor.
Loop één rij rustig langs en controleer per getal of je het ook in de andere rij ziet.
Noteer elk gemeenschappelijk getal één keer, ook als het vaker in een rij staat.
- Kies de grootste gemeenschappelijke delerVergelijk alle waarden en houd het hoogste getal over.
Het grootste getal is het getal met de hoogste waarde.
Vergelijk de getallen één voor één en houd steeds het grootste getal dat je tot dan toe hebt gezien.
Bij negatieve getallen is het getal dat het dichtst bij 0 ligt groter dan een getal verder onder 0.
- Zoek de delers van eerste getal
- Deel de tellerDeel de teller door de grootste gemeenschappelijke deler.
Delen betekent dat je een hoeveelheid eerlijk verdeelt of kijkt hoeveel gelijke groepen erin passen.
Het eerste getal is de totale hoeveelheid. Het tweede getal vertelt door hoeveel je deelt.
Controleer altijd of de deling precies uitkomt. Als dat niet zo is, krijg je een kommagetal of breuk als antwoord.
- Deel de noemerDeel de noemer door dezelfde deler.
Delen betekent dat je een hoeveelheid eerlijk verdeelt of kijkt hoeveel gelijke groepen erin passen.
Het eerste getal is de totale hoeveelheid. Het tweede getal vertelt door hoeveel je deelt.
Controleer altijd of de deling precies uitkomt. Als dat niet zo is, krijg je een kommagetal of breuk als antwoord.
- Schrijf de breuk opSchrijf de vereenvoudigde teller en noemer als breuk.
- Schrijf het kommagetal als breukSchrijf 0,125 eerst als 1251.000.
- Zoek de grootste delerDe grootste deler van 125 en 1.000 is 125.
- Zoek de delers van eerste getalDe positieve delers van 125 zijn 1, 5, 25, 125.
- Zoek de delers van tweede getalDe positieve delers van 1.000 zijn 1, 2, 4, 5, 8, 10, 20, 25, 40, 50, 100, 125, 200, 250, 500, 1.000.
- Zoek de gemeenschappelijke delersIn beide rijen staan 1, 5, 25, 125.
- Kies de grootste gemeenschappelijke delerHet grootste getal in 1, 5, 25 en 125 is 125.
- Zoek de delers van eerste getal
- Deel de teller125 ÷ 125 = 1.
- Deel de noemer1.000 ÷ 125 = 8.
- Schrijf de breuk opDe breuk wordt 18.